Gezond binnenklimaat

In midden-Europa brengen we ca. 90 procent van onze tijd door in gesloten ruimtes. Gezondheidsaspekten met betrekking tot woonruimte krijgen nog niet de aandacht die ze verdienen. En dat terwijl onze gezondheid steeds meer belast wordt door invloeden van buitenaf. Inmiddels lijdt bijna één op de drie kinderen aan een vorm van allergie. Er zijn meer dan 18 miljoen verschillende chemische stoffen bekend. Het overgrote meerendeel is nooit volledig onderzocht - laat staan hun wisselwerking. Hoofdpijn, vermoeidheid, concentratieproblemen, infecties - de lijst is lang, de oorzaken veelal onbekend. Vakmensen zijn van mening dat in één gebouw wel 70.000 verschillende chemische verbindingen aantoonbaar kunnen zijn. Het gaat daarbij veelal om vluchtige organische verbindingen (volatile organic compounds, VOC) die tot het zogenaamde Sick-Building-Syndrom kunnen leiden. Zulke probleemstoffen kunnen niet alleen een gevoel van onwelzijn veroorzaken, maar kunnen ook ernstigere gevolgen hebben, zoals orgaan afwijkingen of kanker. Tegenwoordig mag ecologisch verantwoord bouwen zich niet beperken tot het spaarzaam omgaan met energie en grondstoffen, maar zou het ook gericht moeten zijn op de problematiek rondom het gezond wonen. Nog steeds belasten (te) veel grondstoffen ons woonklimaat. Door middel van bewuste materiaalkeuze kan er bewust gekozen worden voor gezond wonen.

Een houten huis heeft een heel aangenaam binnenklimaat. Hout is van zichzelf al een warm materiaal waardoor er in de winter al bij weinig verwarming een aangename, behaaglijke temperatuur ontstaat. Daardoor krijgt ook eventuele condensatie geen kans. Daarnaast heeft hout een hoog absorptievermogen. Eventueel vocht in de woning (douchen, koken) kan door de houtconstructie worden opgenomen en weer aan de ruimte worden afgegeven zodra de luchtvochtigheid weer is afgenomen. Het gezonde binnenklimaat wordt verder nog bevorderd doordat alleen bouwmaterialen worden toegepast die zonder chemicalien zijn geproduceerd.