Bescherming tegen brand

brandVeel mensen denken dat een houten huis erg brandgevaarlijk is, dit is echter niet het geval! Inderdaad, hout brandt. Bijna elk materiaal brandt op enig moment. Kernvraag voor het bepalen van brandveiligheid is welke reactietijd en temperatuur nodig zijn om iets te laten ontbranden. In het geval van massief hout is er sprake van een lange reactietijd en een hoge temperatuur. Massief hout met een lucifer aansteken lukt niet. Om massief hout te laten ontbranden zijn er hulpmiddelen nodig (kranten, aanmaakblokjes etc.) voordat er zich flinke vlammen vormen en de temperatuur kan oplopen. Als hout eenmaal brandt, ontstaat er een zwarte laag aan de buitenkant: verkoold hout. Deze laag isoleert het hout en zorgt er voor dat het inbranden steeds langzamer verloopt. Houten balken in constructies behouden dan ook langer hun dragende waarde, waardoor instortingsgevaar urenlang kan worden voorkomen. Wat bovendien in de houtbouw een brandvertragend effect heeft is de laagsgewijze opbouw van wanden en vloeren. Daarbij vindt de opbouw plaats met brandwerend of zelfs onbrandbaar materiaal, zowel aan de binnen- als aan de buitenkant. Houtskeletbouw wordt aan de binnenzijde bekleed met gipsplaat en/of gipsvezelplaat. Die platen zijn onbrandbaar, waardoor het uren zal duren voordat de constructie zal branden. Bij een stalen constructie is brandgevaar een heel ander verhaal: de sterkte van staal neemt bij elke graad opwarming in sterkte af. Bij een heftige brand kan een stalen constructie daardoor snel als een kaartenhuis in elkaar zakken.